(68.01) “Een overzicht over Numeri (1)”

Het boek Numeri is geen eenvoudig Bijbelboek om in één keer door te lezen. Het bevat tellingen, voorschriften, reisverslagen en verschillende gebeurtenissen die op het eerste gezicht soms weinig met elkaar te maken lijken te hebben. Toch blijkt er een duidelijke lijn door het boek te lopen. De Hebreeuwse naam is ‘Bemidbar’: ‘In de woestijn’. Die naam geeft het karakter van het boek treffend weer.

Israël is uit Egypte verlost. Het bloed van het paaslam heeft bescherming gebracht en het volk is door de Rode Zee gegaan. Bij de Sinaï heeft God de tabernakel gegeven en in Leviticus heeft Hij gesproken over de offers, de priesterdienst en de weg waarop een mens tot Hem kan naderen. In Numeri begint vervolgens de woestijnreis.

Daarmee komt de nadruk te liggen op de dagelijkse praktijk. Een belangrijke tekst die als het ware boven het boek geschreven kan worden, is de oproep uit Efeze 4 om waardig te wandelen overeenkomstig de roeping waarmee wij geroepen zijn. Eerst moet een gelovige leren zien wat Christus voor hem heeft gedaan en welke positie hij door genade heeft ontvangen. Daarna komt de vraag hoe hij in de praktijk leeft.

In deze overzichtsstudie wordt daarom niet alleen gekeken naar de historische gebeurtenissen. De nadruk ligt vooral op de geestelijke betekenis voor de gelovige en voor de gemeente. De woestijn is een beeld van de wereld waarin de gelovige zijn weg gaat. Het is niet dezelfde wereld als Egypte, waar de mens onder de macht van de farao – in beeld van satan – wordt geknecht. De woestijn is de plaats waar een verlost volk leert wandelen met God.

De reis had menselijk gezien kort kunnen zijn. Vanaf de Sinaï was het slechts elf dagen reizen naar Kades, aan de zuidgrens van het beloofde land. Toch zou Israël door ongeloof nog tientallen jaren in de woestijn verblijven.

Voordat de reis begint, wordt alles zorgvuldig voorbereid. De eerste hoofdstukken van Numeri beschrijven hoe het volk wordt geteld en hoe iedere stam zijn plaats krijgt. God is een God van orde. De twaalf stammen worden rondom de tabernakel gelegerd: drie aan iedere zijde. In het midden bevindt zich Gods woning.

Dat middelpunt is beslissend. Israël wordt niet in de eerste plaats rondom Mozes of rondom een leger georganiseerd, maar rondom de tabernakel. God woont in het midden van Zijn volk.

De telling heeft eveneens betekenis. God wil weten wie tot Zijn volk behoort, maar het volk moet ook gereed zijn om te strijden. De tabernakel bevat grote kostbaarheden en moet worden verdedigd. Geestelijk toegepast heeft ook de gemeente een kostbare schat ontvangen: de waarheden die God in Zijn Woord bekend heeft gemaakt. De vraag is wie bereid is die schat te bewaren en te verdedigen. Daarna worden de eerstgeborenen geteld. In Genesis zien we steeds opnieuw dat de mens waarde hecht aan de eerstgeborene, terwijl God vaak Zijn weg met de tweede gaat. Maar door het werk van Christus heeft de gemeente nu een bijzondere positie ontvangen: zij wordt in Hebreeën de gemeente van de eerstgeborenen genoemd.

De eerstgeborenen van Israël behoren aan God toe. God kiest echter één stam die in hun plaats voor Hem zal dienen: de stam Levi. Daarmee ko men we bij een van de hoofdonderwerpen van Numeri: de Levietendienst.

De Levieten worden geteld en daarbij blijkt dat er iets minder Levieten zijn dan eerstgeborenen. In de studie wordt daarin een praktische les gezien. Iedere gelovige heeft een genadegave ontvangen, maar niet iedere gelovige gebruikt die gave ook werkelijk. De vraag is daarom niet alleen of God ons iets heeft toevertrouwd, maar of wij onze taak ook oppakken.

De stam Levi wordt gekenmerkt door gehoorzaamheid aan het Woord van God. Bij de geschiedenis van het gouden kalf koos Levi de kant van Mozes. In Deuteronomium wordt van Levi gezegd dat hij Gods Woord bewaarde en Zijn verbond in acht nam, zelfs wanneer menselijke relaties in een andere richting trokken. Dat is een belangrijk kenmerk van werkelijke dienst. Een Leviet dient niet om mensen tevreden te stellen, maar in gehoorzaamheid aan God.

Binnen de stam Levi zijn er drie grote families: Gerson, Kahath en Merari. Iedere familie heeft een eigen taak bij het vervoer van de tabernakel.

Gerson is verantwoordelijk voor de tentkleden en de omheining, voor wat aan de buitenzijde zichtbaar is. Daarin wordt een beeld gezien van evangelistische dienst: het zichtbaar maken van de boodschap naar buiten toe.

Merari draagt de planken, dwarsbalken en verbindingen. Daarin kan een beeld worden gezien van herderlijke dienst, waarin gelovigen worden opgebouwd en met elkaar verbonden.

Kahath is verantwoordelijk voor de heilige voorwerpen. De ark, de tafel, de kandelaar en de andere heilige voorwerpen moeten op de schouders worden gedragen. Daarin komt vooral de dienst van de leraar naar voren, die de kostbaarheden van Gods Woord en de heerlijkheid van Christus zichtbaar maakt.

Opvallend is dat Gerson en Merari later wagens krijgen om hun lasten te vervoeren, maar Kahath niet. De heilige voorwerpen moeten persoonlijk op de schouders worden gedragen. Geestelijke waarheid kan niet eenvoudig op afstand worden vervoerd; zij moet persoonlijk worden gekend, doorleefd en gedragen.

Bij iedere vorm van Levietendienst gelden dezelfde uitgangspunten. De Leviet wordt allereerst voor Aäron geplaatst. Aäron is een beeld van Christus als Hogepriester. De Heer Jezus is daarom de Opdrachtgever van iedere dienst.

Vervolgens vindt de dienst plaats bij de tent van ontmoeting. Het werkterrein is de gemeente, waar Gods aanwezigheid het middelpunt behoort te zijn.

De dienst wordt verricht ten behoeve van de tabernakel en van de gemeente. Een gave is nooit gegeven voor de eigen eer van degene die haar bezit, maar om anderen te dienen en op te bouwen.

Ten slotte staat de Levietendienst in dienst van de priesterdienst. Alle praktische en geestelijke arbeid behoort uiteindelijk te leiden tot aanbidding. Dienst is daarom geen plaats van menselijke grootheid, maar van nederigheid.

In de volgende hoofdstukken worden verschillende zaken behandeld die de dienst kunnen belemmeren. De legerplaats moet rein zijn. Melaatsheid, een vloeiing en verontreiniging door een dode mogen niet worden genegeerd. Geestelijk toegepast gaat het om zonde, het openbaar worden van de oude natuur en de invloed van de dood. Ook schuld tegenover een ander moet worden geregeld. Wie iets heeft ontvreemd, moet niet alleen teruggeven wat hij heeft genomen, maar daar iets aan toevoegen. Schuld kan niet worden genegeerd wanneer Gods volk in reinheid wil leven.

Daarna volgt het uitvoerige voorschrift over het vermoeden van overspel. In de geestelijke toepassing wordt daarbij gedacht aan de verhouding tussen Christus en Zijn gemeente. Paulus schrijft dat hij de gemeente als een reine maagd aan Christus heeft verbonden. Verbindingen en interesses die niet passen bij die verhouding kunnen de gemeenschap met Hem aantasten.

Een van de belangrijkste onderwerpen in dit gedeelte is vervolgens de nazireeër. Een nazireeër is iemand die vrijwillig de wens heeft zich bijzonder aan God te wijden. Die toewijding gebeurt echter niet op een zelfgekozen manier. God bepaalt de voorwaarden. De nazireeër onthoudt zich van wijn en sterke drank, laat zijn haar groeien en vermijdt iedere aanraking met een dode. De wijn spreekt van natuurlijke vreugde. De dood spreekt van de verontreiniging van de oude schepping. Wie zich aan God wil wijden, leert afzien van dingen die op zichzelf misschien niet altijd verkeerd zijn, maar die zijn toewijding kunnen hinderen. Het lange haar maakt de nazireeër zichtbaar anders. Zijn toewijding kan door anderen als vreemd of zelfs als een schande worden beschouwd. Toch heeft God een andere waardering dan de wereld.

Wanneer een nazireeër onbedoeld verontreinigd raakt, betekent dat niet dat alles voorgoed voorbij is. Hij mag opnieuw beginnen. Daarin ligt een bemoedigende les. Ook een gelovige die in zijn toewijding heeft gefaald, kan opnieuw naar God terugkeren en opnieuw beginnen.

Aan het einde van de periode wordt het haar afgeschoren en op het vuur van het offer gelegd. In de studie wordt daarin een bijzonder beeld gezien van de hemel. Alles wat een gelovige hier uit liefde tot de Heer heeft prijsgegeven en alle werkelijke toewijding aan Hem zullen door God niet worden vergeten.

Na deze voorschriften volgt de priesterlijke zegen. Daarna brengen de leiders hun offers voor de tabernakel en worden de wagens verdeeld onder de Levieten. Gerson ontvangt twee wagens, Merari vier, maar Kahath moet de heilige voorwerpen op de schouders blijven dragen.

Mozes neemt in dit geheel een unieke plaats in. Hij mag de tent van ontmoeting binnengaan en hoort de stem van God boven het verzoendeksel, tussen de cherubs. Hij is de leider die rechtstreeks met God spreekt en vormt daarin een bijzonder beeld van de Heer Jezus als de grote Leidsman van Zijn volk.

In Numeri 8 komt vervolgens opnieuw de gouden kandelaar naar voren. Dat lijkt opvallend, omdat de kandelaar al eerder bij de bouw van de tabernakel is beschreven. Maar juist voor de Levietendienst is het noodzakelijk dat Christus het middelpunt is. De kandelaar is uit één stuk goud geslagen. In de studie wordt daarin het lijden van Christus gezien: de slagen waardoor de vorm van de kandelaar tot stand kwam. De dienaar moet beseffen wat de Heer Jezus heeft geleden en dat alle werkelijke dienst alleen in het licht van Hem kan plaatsvinden.

Zo vormt het eerste gedeelte van Numeri één grote voorbereiding op de woestijnreis. Het volk wordt geteld, de stammen krijgen hun plaats, de Levieten ontvangen hun taken en alles wat de dienst belemmert, moet worden weggedaan. De centrale vraag is niet alleen of wij tot Gods volk behoren. De vraag is ook of wij onze plaats innemen en de taak gebruiken die God ons heeft gegeven.

De woestijnreis moet op dat moment nog beginnen. Elf maanden heeft Israël zich voorbereid op een reis die slechts elf dagen zou moeten duren. Maar in het volgende deel zal blijken dat goede voorbereiding alleen niet voldoende is. De grote vraag is hoe het volk zich gedraagt wanneer het werkelijk in beweging komt.

Opname: december 2019.

Bekijk meer studies van:

Deel deze video met anderen:


Meer video’s